|
Vroegkinderlijke conditionering
Het bestaan van het kind, zijn veiligheid en zijn overleven hangt af van de ouders. Zelfs als het kind geen ouders had, zal iemand anders in zijn omgeving de plaats van de ouders in moeten nemen. Het kind kan niet op zich zelf leven.
Het kan fysiek niet voor zich zelf zorgen. Deze afhankelijkheid van zijn ouders wat voedsel, warmte en leven betreft, is absoluut.
Daarom zal het kind alles accepteren, het kan zich in de vroegste levensfase, niet permitteren te twijfelen. Het kind kan nog geen vragen stellen, het kan niet rationaliseren of relativeren. Alles is in de beleving van het kind, goed en levensbepalend… het is de 'norm'.
Pijnlijke herinnering volgens Speyer
Als de indrukken van het kind met lichamelijke of geestelijke pijn gepaard gingen, aanvaardde het kind 'pijn' als norm. Als volwassene zal hij zoeken naar deze vertrouwde 'pijn'-situaties ondanks het feit dat zijn zoeken naar pijn steeds vergezeld wordt van de wens naar 'geen-pijn'.
Dit is niet een oorspronkelijk levensverlangen maar een verlangen voortgekomen uit opgeslagen, actieve informatie uit het
verleden.
| KLACHTEN INDICATIES |
|